Als jouw werknemer langdurig ziek thuis zit, of als je zelf in een spoor 2 traject zit, komt er een moment waarop je je afvraagt: wanneer is dit eigenlijk klaar? Of je nu werkgever bent of werknemer, het is fijn om te weten waar je naartoe werkt en welke situaties tot een einde van het traject leiden.
In dit artikel zetten we op een rij hoe lang een tweede spoor traject normaal gesproken duurt, in welke situaties het stopt, en wat er na afronding gebeurt. Ook lees je waar je écht op moet letten als je het traject afsluit. En mocht je er na het lezen nog mee zitten, dan denken we bij Alltalent graag persoonlijk met je mee. Met ruim zestien jaar ervaring in HRM en re-integratie weten we hoe we werkgevers en werknemers door deze fase heen helpen.
Hoelang duurt een tweede spoor traject?
Een tweede spoor traject duurt standaard ongeveer zes maanden. Dat is de gangbare basisduur waarmee een re-integratiebureau of jobcoach aan de slag gaat om passend werk bij een andere werkgever te vinden. In de praktijk blijkt het traject vaak flexibeler dan die zes maanden suggereren. Wanneer er nog geen duurzame plaatsing in zicht is, of als de werknemer net in gesprek is met een potentiële nieuwe werkgever, kun je het traject verlengen tot het einde van de wachttijd van 104 weken. Die verlenging is vooral logisch wanneer er concreet zicht is op een passende plaatsing en het zonde zou zijn om nu te stoppen.
De exacte duur hangt dus af van het verloop. Bij de ene werknemer gaat het sneller, bij de ander is meer tijd nodig. Wat telt is dat de inspanningen aansluiten bij het herstelpad en de mogelijkheden van de werknemer. Tijdens het traject ontvang je tweemaandelijkse inspanningsrapportages over de stappen die zijn gezet en de voortgang die is geboekt. Die rapportages vormen de rode draad door het hele traject en zijn later ook belangrijk bij de toetsing door het UWV.
Wanneer stopt een tweede spoor traject?
Een spoor 2 traject kan om verschillende redenen stoppen. Soms is dat een mooi moment, bijvoorbeeld bij een nieuwe baan of volledig herstel. Soms is het juist een lastig moment, bijvoorbeeld als de gezondheid het echt niet meer toelaat, als een contract afloopt of het 2e spoor mislukt. Hieronder zetten we de belangrijkste situaties op een rij waarin het traject tot een einde komt.
Het einde van de wachttijd en het WIA-besluit
De meest voorkomende reden is dat de wettelijke einddatum in zicht komt. Na 104 weken ziekte stopt het spoor 2 traject in principe en neemt het UWV een WIA-besluit. Dat besluit vormt het formele afrondingsmoment van het re-integratietraject; vanaf dat moment ligt het zwaartepunt bij de WIA-keuring en de uitkomst daarvan, niet meer bij het traject zelf. De werknemer dient meestal al rond week 91 een WIA-aanvraag in, terwijl spoor 2 nog gewoon doorloopt tot week 104. Dat is een parallelle activiteit die naast het traject plaatsvindt.
Een uitzondering hierop is de loonsanctie. Als het UWV bij de toetsing oordeelt dat er onvoldoende re-integratie-inspanningen zijn geleverd, kan het de werkgever een loonsanctie opleggen. Het traject wordt dan met maximaal 52 weken verlengd, met als opdracht de geconstateerde tekorten te herstellen.
Een duurzame plaatsing bij een nieuwe werkgever
Wanneer de werknemer een passende baan vindt bij een andere werkgever en daar een dienstverband tekent, is het beoogde doel van spoor 2 bereikt. Het traject sluit dan af met een duurzame plaatsing, het mooiste resultaat dat je kunt nastreven. Bij plaatsing van een werknemer met een WIA-toekenning kan de no-risk polis worden geactiveerd voor de nieuwe werkgever. Die polis verlaagt voor vijf jaar de drempel om iemand aan te nemen, wat het in de praktijk een stuk makkelijker maakt om tot een match te komen.
In sommige gevallen wordt de werknemer eerst gedetacheerd bij de nieuwe werkgever, totdat de WIA-keuring is afgerond. Op die manier ontstaat een brug tussen de oude en de nieuwe werksituatie, zonder dat een van beide partijen direct een dienstverbandrisico loopt.
Volledig of gedeeltelijk herstel van de werknemer
Bij volledig herstel keert de werknemer terug naar het eigen werk en stopt spoor 2 in samenhang met de betermelding. De inzet op een externe plaatsing is dan niet langer nodig, omdat spoor 1 weer realistisch wordt. Spoor 1 blijft altijd de primaire route en heeft voorrang op het externe traject zodra terugkeer naar eigen werk weer in beeld komt.
Ook bij gedeeltelijk herstel, bijvoorbeeld rond de 65 procent, kan de bedrijfsarts beslissen dat het spoor 2 traject mag stoppen tijdens het opbouwschema. De werknemer hervat dan geleidelijk het werk en de externe zoektocht is in dat geval niet langer passend. Het advies van de bedrijfsarts is hierin leidend.
Geen benutbare mogelijkheden meer
Soms blijkt tijdens het traject dat de werknemer eigenlijk te ziek is om het voort te zetten. Bij volledige arbeidsongeschiktheid zonder benutbare mogelijkheden stopt spoor 2 op basis van een medisch en arbeidsdeskundig oordeel. Voorwaarde is dat dit zorgvuldig wordt onderbouwd en vastgelegd in het dossier. Een goede dossiervorming is op zo’n moment cruciaal, omdat een onderbouwd stopzettingsbesluit een loonsanctie achteraf voorkomt.
De arbeidsovereenkomst eindigt
Het traject stopt ook zodra de arbeidsovereenkomst eindigt. Dat kan zijn doordat een tijdelijk contract afloopt, of doordat werkgever en werknemer met wederzijds goedvinden uit elkaar gaan. Met het eindigen van het contract verdwijnt namelijk de juridische basis voor de re-integratieverplichting, ongeacht in welke fase het traject zich bevindt.
Een specifieke situatie is het zogenoemde “ziek uit dienst gaan”, vaak via een vaststellingsovereenkomst. Het spoor 2 traject stopt dan zodra het UWV de tot dan toe geleverde re-integratie-inspanningen als adequaat beoordeelt. Het is in zo’n traject belangrijk dat alle stappen aantoonbaar zijn ingezet, zodat het UWV niet alsnog kan oordelen dat er onvoldoende is gedaan.
Bijzondere uitzonderingen die het traject overbodig maken
Er zijn een paar situaties waarin spoor 2 helemaal niet hoeft te starten of vroegtijdig kan stoppen. Wanneer de werknemer binnen een jaar de AOW-leeftijd bereikt, mogen werkgever en werknemer in gezamenlijk overleg besluiten af te zien van het traject. Ook als de bedrijfsarts verwacht dat de werknemer binnen 15 maanden volledig herstelt, hoeft spoor 2 niet te starten; dat zou een onnodige inzet zijn.
Daarnaast bestaat er een economische uitzondering. Wanneer de kosten van een spoor 2 traject hoger zouden uitvallen dan 70 procent van het resterende loon, hoeft het traject niet ingezet te worden. Deze uitzondering is bedoeld voor situaties met een klein contract of een zeer kort dienstverband, waar de kosten in geen verhouding staan tot het loon.
Wat gebeurt er na afronding van het tweede spoor?
Na afronding volgt een formele afsluiting met een eindrapportage. Daarin staan de gezette stappen, behaalde resultaten en aanbevelingen voor het vervolg. Samen met de tweemaandelijkse inspanningsrapportages vormt deze rapportage het complete re-integratiedossier en is de basis voor de UWV-toets.
Wat er daarna concreet gebeurt, hangt af van de uitkomst. Bij een duurzame plaatsing begint een nieuwe periode bij de nieuwe werkgever. Bij volledige terugkeer in spoor 1 keert de werknemer terug naar het eigen werk. Heeft het UWV een WIA-besluit genomen, dan volgt een vervolg afhankelijk van de mate van arbeidsongeschiktheid; bij minder dan 35 procent (de zogenoemde 35-minner status) is er geen recht op WIA, maar komt vaak een WW-route in beeld. Loopbaanbegeleiding als nazorg helpt om de overgang naar een nieuwe werkrol soepel te laten verlopen.
Hier moet je op letten bij het afronden van spoor 2
Het afronden van een spoor 2 traject is meer dan een laatste handtekening. Een paar zaken zijn echt cruciaal om goed in te regelen, zowel om problemen met het UWV te voorkomen als om de werknemer een goede start te geven in de volgende fase. Onderstaande punten helpen je om het traject zorgvuldig en compleet af te sluiten.
- Stel een zorgvuldige eindrapportage op: zorg dat alle stappen, resultaten, inzichten en aanbevelingen helder zijn vastgelegd. Deze rapportage is de basis voor de UWV-toets en het eindgesprek met de werknemer.
- Rond het re-integratiedossier compleet af: leg de beëindiging schriftelijk vast in het dossier. Een complete dossiersluiting voorkomt onduidelijkheid en discussie achteraf, zeker bij een latere toets door het UWV.
- Bewaar alle inspanningsrapportages: de tweemaandelijkse rapportages laten zien wat er gedurende het traject is gedaan. Ze zijn essentieel om aan te tonen dat de re-integratie-inspanningen voldoende zijn geweest.
- Vraag een deskundigenoordeel aan bij twijfel: als werkgever en werknemer het oneens zijn over de beëindiging, of als er onzekerheid is over de inzet, kan een deskundigenoordeel van het UWV uitkomst bieden. Dit is een preventief instrument dat een loonsanctie achteraf kan voorkomen.
- Win juridisch advies in voor je eenzijdig beëindigt: wil je het traject als werkgever stoppen zonder instemming van de werknemer? Laat dan eerst goed toetsen of dit juridisch houdbaar is. Een verkeerd onderbouwde beëindiging kan leiden tot een loonsanctie van maximaal 52 weken extra loondoorbetaling.
- Denk vast aan nazorg en loopbaanbegeleiding: vooral bij een plaatsing bij een nieuwe werkgever versterkt nazorg de duurzaamheid. Een paar coachingsgesprekken in de eerste maanden helpen de werknemer om in de nieuwe rol te aarden.
Een goede afronding is geen formaliteit, maar een belangrijk fundament voor wat erna komt. Zorgvuldigheid in het dossier en aandacht voor de mens achter het traject maken het verschil tussen een afsluiting die rommelig aanvoelt en een die echt rust geeft. Laat dit punt dus niet ondersneeuwen in de waan van de dag.
Hulp nodig bij afronding van spoor 2?
Een spoor 2 traject afronden voelt soms ingewikkeld, met deadlines, dossiers en een werknemer die door een onzekere periode gaat. Wij snappen dat. Bij Alltalent kijken we eerst rustig naar jouw situatie, of je nu werkgever of werknemer bent, en bedenken samen wat de juiste vervolgstap is.
Wil je sparren over jouw casus, of zoek je een betrokken partner die het traject met je afrondt? Dan nodigen we je van harte uit voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek. We ondersteunen bij de hele re-integratie, van begeleiding tijdens spoor 2 tot een gedegen eindrapportage en loopbaanbegeleiding als nazorg. Niet om iets te verkopen, maar om mee te denken.
Veelgestelde vragen over wanneer spoor 2 stopt
Wanneer stopt een spoor 2 traject?
Een spoor 2 traject stopt wanneer er een duurzame plaatsing is bij een nieuwe werkgever, wanneer de werknemer volledig herstelt, of als de wachttijd van 104 weken is bereikt en het UWV een WIA-besluit neemt. Daarnaast kan het stoppen bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst of als er medisch geen benutbare mogelijkheden meer zijn.
Hoelang duurt een spoor 2 traject?
Een spoor 2 traject duurt standaard ongeveer zes maanden, met een mogelijke verlenging tot het einde van de wachttijd van 104 weken. De exacte duur hangt af van de voortgang en het herstelpad van de werknemer.
Wat zijn de voordelen van het afronden van een spoor 2 traject?
Het zorgvuldig afronden van een spoor 2 traject geeft duidelijkheid voor zowel werkgever als werknemer en voorkomt risico’s bij de UWV-toets, zoals een loonsanctie. Voor de werknemer biedt een goed afgerond traject een nieuwe basis, of dat nu een baan bij een andere werkgever is of een passend vervolg richting WIA of WW.
Wat gebeurt er na een 2e spoor traject?
Na een 2e spoor traject volgt afhankelijk van de uitkomst een nieuwe baan, terugkeer in eigen werk, een WIA-besluit van het UWV of de status van 35-minner met een mogelijke WW-route. Het traject wordt afgesloten met een eindrapportage en een compleet re-integratiedossier.
